“We gaan er dus vanuit dat het effect heeft […], een beetje op geloof en vertrouwen. De directie hoeft niet te horen wat de resultaten zijn.”

Bovenstaand citaat is het antwoord van een HRM’er op de vraag wat hij als HRM’er doet om te weten of HRM-interventies in de organisatie effectief zijn. Het antwoord is illustratief voor hoe een groot deel van de 22 HRM’ers reageerden toen zij geïnterviewd werden in een onderzoek over onderzoek binnen de HRM-praktijk. Het maakte daarbij niet uit hoe groot de organisatie was of in welke sector de HRM’er werkzaam was. Onderzoek werd door velen van hen niet gezien als middel om te komen tot effectief HRM-beleid. Deze reactie werd ook herkend door docenten en lectoren verbonden aan twaalf hbo HRM-opleidingen die onlangs bijeen waren om te spreken over de aansluiting van het onderzoeks- en afstudeeronderwijs op de HR-praktijk. Opdrachtgevers en praktijkbegeleiders uit het HR-werkveld geven regelmatig aan dat door studenten uitgevoerd onderzoek “te grondig is”, “niet relevant is” en “te lang duurt”. Onderzoek wordt binnen de HR-praktijk nauwelijks gezien als instrument om te leren over de eigen werkpraktijk of over de effectiviteit van HRM. Dat is heel jammer, want onderzoek kan een krachtig professionaliseringsinstrument zijn.